Realisatie; een verrassing!!!
Jan Koehoorn

Het inzicht, het uiteindelijke, allerhoogste inzicht dat je geen fragmentje bent wordt in de traditie van de Advaita 'zelfrealisatie' genoemd. Dit uiteindelijke inzicht kan vooraf gegaan worden door allerlei mini-inzichtjes, mooie ervaringen en heldere momenten. Waar het bij de realisatie om gaat is niet zozeer om een denk-inzicht, maar om de geleefde waarheid. Twijfelloos, van top tot teen, zonder dat er bevestiging nodig is van buitenaf.

Als dat gebeurt, wil dat niet zeggen dat alle oude patronen, zoals de persoonlijkheid, meteen verdwijnen. Alle karaktertrekjes blijven gewoon doorgaan. En ja, je wordt nog steeds boos, blij, verdrietig, enzovoort. Wat wél verandert, is dat het idee van een doener, die daar iets mee te maken zou hebben, verdwenen of liever doorzien is. En dat heeft nogal wat consequenties. Een voorbeeld: als er tegenwoordig woede opkomt, dan is elke neiging om daar iets mee te 'doen' afwezig. Het hoeft niet onderdrukt te worden, en het hoeft ook niet ge-uit te worden. Het etiketje 'woede' kan wel eens opkomen, maar dat verbleekt totaal bij datgene wat er dan op dat moment werkelijk ervaren wordt. Het is bruisend, tintelend, levend, en het wil gezien worden. Niet dat die woede zélf iets te willen heeft, maar door de levendheid en de actualiteit is het een soort 'viering' van mezelf in actie. En IK zie dat allemaal gebeuren. Niet ik- als-persoon, maar ik-als-wat-ik-ben. Wat een verschil met vroeger!

Vroeger dacht ik dat er een iemand was die kwaad werd en dat die iemand er iets aan kon doen dat 'hij' kwaad werd. En vooral, dat diegene niet kwaad zou moeten worden. Dus er ging heel erg veel energie zitten in denkwerk terwijl er ondertussen amper gekeken werd naar het verschijnsel wat zich voordeed. Kwaadheid onderdrukken kost veel energie, want het is net zoiets als een dam zetten in een stromende rivier. Het kan een enkele keer nodig zijn, maar als gewoonte is het lang niet altijd de beste op-lossing. Kwaadheid uiten, de andere kant, is ook lang niet altijd de beste manier, want dan wil je er nog steeds iets mee 'doen'. Vooral door mensen die in therapie zijn geweest wordt dit nogal eens verkeerd begrepen. 'Je moet zoveel mogelijk alles altijd en overal uiten...' Het lijkt spontaan, maar in werkelijkheid is het nog steeds een kramp, gebaseerd op het misverstand van een 'doener' die iets met de emotie gaat ondernemen.

Wat er dus na realisatie gebeurt, is dat de illusie van die doener doorzien is. En dan is er dus niemand meer die iets te willen of niet te willen heeft. Dus wat voor emotie er ook maar opkomt, is perfect zoals het is. Het wordt direct en onmiddellijk gezien, zonder dat er de neiging is om er ook maar iets aan te doen om het te veranderen, kwijt te raken, te verklaren of het mooier te maken dan het is. De praktijk van alledag, is dat oude patronen (elk patroon is trouwens oud) nog een hele tijd door kunnen gaan. Het hangt er nogal vanaf wat er voor de realisatie allemaal gebeurd is. Je kunt dingen hebben meegemaakt waarvan de gevolgen later pas de kop opsteken. Dus alles wat zijn verhaal wil vertellen, zoals mijn leraar Alexander altijd zei, gaat aan het rollen.

Als je dus denkt dat het na de realisatie meteen een en al rust en helderheid en sereniteit is, staat je een verrassing te wachten. Het kan, maar het hoeft helemaal niet. En dat is nou zo leuk aan die hele realisatie: je kunt met geen mogelijkheid voorspellen hoe het zal zijn.

- Jan Koehoorn -, 2001