Liefde & muziek

De meeste popsongs gaan over liefde. Ik hoorde ooit van een producer de volgende opmerking: er zijn eigenlijk maar vier thema's voor een popsong:

1. Ik hou van je
2. Ik haat je
3. Ik ga bij je weg
4. Ik kom bij je terug

Op deze manier uitgelegd, gaat liefde over twee mensen die elkaar in meerdere of mindere mate aanvullen en een verbintenis aangaan voor kortere of langere tijd. Dat kan uiteenlopen van een one night stand tot een diamanten bruiloft. Twee mensen komen elkaar tegen en merken een bepaalde aantrekkingskracht. In elkaars nabijheid ontdekken ze dat het bijna onmogelijk is om nog na te denken, want er is alleen maar aandacht voor die ander. Dit verschijnsel is zo essentieel voor de mensheid dat het op allerlei manieren in iedere kunstvorm tot uiting komt. En dus ook in muziek. Negenennegentig van de honderd muziekstukken gaat over liefde.

Als je zou gaan onderzoeken wat de kenmerken zijn van liefde, dan kom je in een lastig parket. Als het gemakkelijk te beschrijven zou zijn, dan waren er ook niet zoveel liedjes over gemaakt natuurlijk. Wat je er ook over zegt of schrijft, het blijft toch altijd net niet afdoende om liefde uit te drukken. Dus we schrijven NOG een liedje, we maken NOG een gedicht. Het heeft lang niet altijd met geld verdienen te maken, zoals in de popmuziek van tegenwoordig. Vroeger waren componisten vaak straatarm. Mozart ligt waarschijnlijk begraven op een armenkerkhof in Wenen (dat weet men namelijk niet zeker).

Bij liefde verdwijnen verschillen, valt onderscheid weg. Er is geen sprake meer van twee personen die van elkaar houden. Er is zelfs geen ruimte voor één persoon. Bij muziek maken is iets soortgelijks aan de hand. De persoonlijkheid kan niet blijven bestaan, aangezien de gehele aandacht ergens anders in gaat zitten. Bij liefde en kunst is er blijkbaar geen behoefte aan een persoonlijkheid, aan een doener of, misschien beter geformuleerd: is er blijkbaar geen RUIMTE voor een persoonlijkheid of doener. Als we kijken naar dingen die we leuk vinden dan zijn dat ook heel vaak dingen waarbij er geen persoonlijkheid aanwezig is. Films kijken, boeken lezen, mediteren, vrijen, muziek maken. Er zijn ook chemische manieren om het denken en dus ook de persoonlijkheid te veranderen of te laten oplossen, maar die hebben vervelende bijwerkingen omdat het kunstmatig tot stand gebracht wordt.

Wat we zoeken, is oplossen in eenheid. En we kunnen de ontdekking doen dat we die eenheid zélf zijn. Het verschil is namelijk zo groot: eerst ben je op zoek naar eenheid, oplossen, via liefde en seksualiteit. Daarna wordt seksualiteit een uiting van die eenheid die ik ben. Als ik denk dat het eeuwige geluk en absolute liefde buiten mezelf te vinden zijn, dan word ik een bedelaar. Dat kun je bijvoorbeeld zien bij mensen die wanhopig op zoek zijn naar die ene liefde in de vorm van een persoon, die er voor gaat zorgen dat ze voor de rest van hun leven gelukkig zijn. Of bij stellen die steeds maar in de weer zijn om die ander te veranderen. Je hebt dan niet door, dat die ander in Jou verschijnt, jou is. Het is niet iemand anders, dus ook niet nodig om hem of haar te ver'anderen'. Wanneer je ontdekt dat je basis Liefde zélf is, dan verander je van een bedelaar naar liefde in Liefde zelf. En dan projecteer je niet langer het absolute geluk de buitenkant in, in een partner, een relatie, liefde, geld, wat dan ook.

Je kunt dan evengoed nog relaties aangaan, vrienden of vriendinnen hebben. Je zoekt het niet op, maar je gaat het ook niet uit de weg. Het wordt een bekroning in plaats van de zetel. Je gaat niet celibatair leven. Het zou kunnen, maar het hoeft helemaal niet, waarom zou je? Als er een relatie op mijn pad komt, dan weet ik glashelder dat het in Mij verschijnt. Als ik dat nu ga vermijden, dan heb ik blijkbaar niet gezien dat het niet absoluut is. Ik stop ook niet met
pianospelen omdat ik heb gezien dat het tijdelijk is. Alles is gewoon een reflectie, een manifestatie van de Liefde die ik ben.


Supertramp - The logical song
When I was young, it seemed that life was so wonderful,
a miracle, oh it was beautiful, magical.
And all the birds in the trees, well they'd be singing so happily,
oh, joyfully, oh, playfully, watching me.
But then they sent me away to teach me how to be
sensible, logical, oh, responsible, practical.
And they showed me a world where I could be so
dependable, oh, clinical, oh, intellectual, cynical.

There are times when all the world's asleep,
the questions run too deep
for such a simple man.
Won't you please, please tell me what we've learned?
I know it sounds absurd
please tell me who I am.

I said, now watch what you say or they'll be calling you
a radical, a liberal, oh, fanatical, criminal.
Oh, won't you sign up your name, we'd like to feel you're
acceptable, repectable, oh, presentable. A vegetable!

At night, when all the world's asleep,
the questions run too deep
for such a simple man.
Won't you please, please tell me what we've learned?
I know it sounds absurd
please tell me who I am,
please tell me who I am,
who I am,
who I am,
who I am.


[Jan Koehoorn]