Liefde voor het Kleurloze

[Boselfje]

Soms is het wat moeilijk,
kleuren zijn zo leuk,
fijn om in te zitten,
en om in op te gaan.
De ene kleur is de andere niet.
Soms boeien ze nog zo.

Al zovele jaren ken ik de duizenden kleuren.
Al zovele jaren geloofde ik in hen.
Ik luisterde naar rood.
Ik genoot van geel.
Ik zwijmelde weg in roze.

Maar nu, soms, zie ik een geheel.
Het is niet blauw, niet paars, geen groen.
Het heeft geen enkele kleur.
Een groot licht.
Alles erin.
Ieder, met zijn kleur.

Wanneer ik mag zijn in het licht,
dat zo kleurloos lijkt, zo saai en oninteressant.
Is wat ik zie,
Het grote spel.
De waarde van rood, van bruin of oranje
alle doen ze er niet meer toe.
Ze spelen een spel.

Niet altijd zie ik het zo,
er zijn kleuren bij,
zo gewend aan mij.
Ze gaan niet makkelijk weg.
Dan geloof ik nog zoveel in ze,
dan ben ik er nog teveel aan gehecht.

Maar wanneer ik alle kleuren zie,
het gehele ene licht,
doet geen kleur mij nog verdriet,
ken ik blijdschap evenmin,
dat zit er weer tussen in.

Ik zie dat ik geen kleur meer ben,
enkel en alleen nog maar herken,
wat verschijnt en weer verdwijnt.
Dan is er licht,
een kleurloos licht maar zo kleurrijk!

 

 

start beeldverhaal>

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

start beeldverhaal>