Leraarschap in deze tijd

een persoonlijke visie

Spiritueel leraar zijn in deze tijd is geen sinecure, maar wel makkelijker dan het vroeger was.  Enerzijds vanwege een toenemend aantal zoekenden die voor het uitdragen van 'waarheid en liefde'  ontvankelijk zijn en anderzijds omdat de leraar dichter bij de mensen is komen te staan.  Feit is echter dat er nog steeds heel veel mensen verstrikt raken in de belangen die ze in de wereld hebben. Dit zou potentiële spirituele leraren ertoe moeten bewegen hun taak op zich te nemen.

Er valt echt veel werk te doen, want de kennis omtrent ons ware Zelf is nog lang geen gemeengoed. 

Hoewel een toenemend aantal hedendaagse leraren veel mensen trekt, is de tijd van de grote wegbereiders en voortrekkers zoals Krishnamurti, Osho en anderen wel voorbij. Nu, in kleine kring en op de eigen woon- en werkplek zullen we bewust moeten worden van het feit dat alle voorwaarden om tot 'verlichting' te kunnen komen in alle facetten van het leven reeds aanwezig zijn. En dat dit inzicht niet beperkt moet blijven tot jezelf.

Het is daarom ook juist handig en voorbeeld scheppend om als leraar een partner en kinderen te hebben, de afwas en boodschappen te doen, het huis te poetsen en andere aardse aangelegenheden te onderhouden. Zo kan een referentiekader geschapen worden waarin mensen zichzelf kunnen herkennen. Geen heilige meer ergens ver weg hoog op een berg, maar gewoon een toegankelijke leraar dichtbij midden in de maatschappij. En hoe meer die beschikbaar is in de eigen omgeving, hoe beter het is.

Hoe je nu spiritueel leraar wordt is een vraag van een andere orde. Ik zelf ben erin gerold omdat iets wat groter was dan mijzelf zich aan mij opdrong. Weliswaar was ik tweeënhalf jaar lang leerling van Hans Laurentius, maar de drive om ook leraar te spelen kwam ergens anders vandaan. Leraarschap is in mijn ogen een rol die je, als je die eenmaal aanvaard hebt, zo goed mogelijk moet zien te vervullen.

Als potentieel leraar was ik er destijds al van doordrongen dat ik weliswaar in deze wereld ben, maar niet van deze wereld. Dat is een oerweten dat intrinsiek gekend wordt ook al ben je je er niet altijd van bewust. Daarin lag dus mijn vrijheid die is en niet gevonden kan worden, noch in het materiële, noch in het spirituele.

Wat ik voorts in mijn eigen aard altijd weerspiegeld zag, was het op orde brengen van mijn eigen leven. Tegelijkertijd zag ik ook hoe anderen hiermee omgingen en waarmee ze de mist in gingen. Inzicht in jezelf geeft wonderlijk genoeg ook inzicht in anderen.  Een en ander drukte zich hoe dan ook uit in een bepaalde levensstijl en leraarschap is daar uiteindelijk de verzilvering daarvan. Het was en is het gaan voor 'waarheid', ongeacht wat de uitkomst en de consequenties ervan mogen zijn. Dit betekende dus helemaal niet dat er geen fouten of misstappen begaan mochten worden, maar dat iedere beweging en identificatie die mij uit mijn middelpunt haalde bewust gadegeslagen werd. Op die manier werd ik iedere seconde in mijn eigen middelpunt gecenterd dat uiteindelijk leidde tot 'bewoning' van dat middelpunt  waar of in welke toestand ik mij ook bevond.

Mijn leraarschap kreeg smoel in het geven van satsangs waarmee ik in september 2001 startte. Deze oude traditie bleek uitermate geschikt voor het overbrengen van dat waarover ik zo graag wilde spreken. Je gerealiseerd weten is een ding, dat ook kunnen uitdragen vraagt  andere competenties dan alleen maar het vertellen van de waarheid. Weten hoe te zeggen en weten waar de ander zit blijkt een factor X te zijn die zich geheel buiten mijn persoon om manifesteert.

Satsang begint daarom altijd met stilte waardoor inductief die energie gekanaliseerd wordt die er voor zorgt hoe en wat er gebeuren moet. Hetzij door humor, hetzij door ernst dan wel vrolijkheid of speelsheid, het zijn allemaal instrumenten die de leraar tot dienst zijn omwille van dat wat er begrepen en gerealiseerd kan worden. Dit klinkt misschien mysterieus maar is het niet. Horen we onszelf ook niet vaak een 'goed gesprek' voeren dat helemaal vanzelf gaat en waarin je helemaal niet naar de juiste woorden of de juiste toon hoeft te zoeken? Zo ook in satsang waar alleen het onderwerp van gesprek verschilt.

Vanuit deze stilte komt er vervolgens een verhaal op gang.  Hierin 'ingeplugd' blijvend beweegt de energie zich soms abrupt, soms geleidelijk naar bepaalde  personen waarna een meer specifiek en individueel getint gesprek zich ontrolt dat gericht is op  het aan de orde stellen van een bepaald probleem waarmee geworsteld wordt. Door de aanwezigheid van deze energie wordt het probleem alsmede degene die het probleem heeft tot een ander zijnsniveau 'opgetild'. Dan wordt het probleem meestal snel doorzien en gezien voor wat het is.

Leerling en  leraar vormen in een actief gebeuren als satsang een geheel, want zonder leerling is er geen leraar en omgekeerd. Het is betrokkenheid bij de zaak die beiden met elkaar verbindt zolang het passend is in de gegeven omstandigheden. Ook de leraar heeft nog veel bij zichzelf te ontdekken en moet zich voortdurend rekenschap geven van zijn queeste.

Toch is het reëel na verloop van tijd, als inzicht en helderheid met name bij de leerling toenemen, de rol van de leraar enigszins te relativeren. Beiden worden immers steeds meer aan elkaar 'gelijk'. Dan is het, nu vooral voor de leraar, tijd om afstand van de leraarsrol te doen, zodat er een nieuwe situatie kan ontstaan waarin beiden elkaar op een ander zijnsniveau kunnen ontmoeten, b.v. in vriendschap.

Zo gebeurde het ook bij mijn leraar.

Natuurlijk zijn er ook nog veel andere aspecten die aan het leraarschap kleven interessant, b.v. hoe de leraar met leerlingen om moet gaan. Afwisselend is er strengheid geboden, dan weer toegevendheid, stimulering of terughoudendheid etc. etc. Dit is volledig afhankelijk van de gegeven omstandigheden waarin zowel de leraar als de leerling zich bevinden. Soms is het echt nodig leerlingen het bos in te sturen om 'iets' te laten doorbreken, een andere keer is het wenselijk de leerling dichtbij je te houden en deze 'koesterend' te omringen. Regels kunnen niet gegeven worden.

Daarnaast zit je met de beperking dat niet iedere locatie geschikt is om 'Het' over te dragen. Nergens staat b.v. vermeld dat je in een zaaltje op een bank moet gaan zitten. Persoonlijk gezien vertel ik het hele verhaal liever in de kroeg met een goed gevulde pint bier, ware het niet dat een dergelijke omgeving afleidend is.

Bovendien denken veel mensen, die zich spiritueel noemen nog in termen van hoog en laag en zie ik mij genoodzaakt mijzelf alsnog op de bank te hijsen.

Feit is in elk geval dat er vele wegen naar Rome leiden en dat ieder lichtend voorbeeld aan wie mensen zich kunnen spiegelen eigenlijk al leraar is zonder dat hij dat van zichzelf in de gaten heeft. Die mag wat mij betreft naar voren treden.

Spiritueel leraarschap is uiteindelijk een combinatie van inzicht, inzet, overgave, didactische know-how en een groot relativeringsvermogen. Het is, anders gezegd, een bewust hanteren van intentie en een daad van onberispelijkheid tegen de achtergrond van niet-weten waartegen volmondig 'ja' gezegd moet worden.

[Jan van Rossum, oktober 2002]