Toppunt

een gesprek tussen berg en bergbeklimmer

1. 'Op veel toppen heb ik al gestaan, in alle berggebieden ter wereld. Alles bereikt, het onvervulde gevoel bleef. Maar nu, zo lijkt het, heb ik de ultieme berg gevonden. Plots was hij er. Onweerstaanbaar word ik ernaar toe getrokken. Berg der bergen, ik zal je overmeesteren.'

2. 'Op mijn berg vergeet je wat je geleerd hebt. Je ervaringen tellen niet. Je uitrusting is waardeloos. Klimtheorie, ik lach erom. Met lege handen kom je boven. Ik zal je leren wat werkelijk klimmen is.'

3. 'Klimmen met lege handen, die tijd is voorbij. Goed materiaal dat is de basis. Super lichtgewicht naar boven. Deze keer helemaal alleen, zonder hulp. Met de nieuwste snufjes. De sponsors stonden er garant voor. Bevoorrading per radiografische bestuurbare mini-helikopters, het nieuwste van het nieuwste.'

4. 'Liefdevol laat ik de klimmer toe op mijn flanken. Ik leer hem twee feiten: je klimt hier en nu en je ziet steeds dat je klimt. Er is alleen klimmen en rusten. Hij zal zich realiseren dat er geen klimmer is. Ik zal hem stimuleren om met me in gesprek te komen, terughoudendheid op te geven en  alles wat hij weet te laten varen, want ervaringen uit het verleden zijn geen garantie voor de toekomst.'

5. 'Ik weet niet wat er aan de hand is. Het lijkt wel of het niet meer helemaal klopt. Zoveel ervaring en toch lijkt het steeds of ik tekortschiet. Of het niet meer helemaal werkt. Mijn klimgevoel laat me af en toe in de steek. Oplossingen bij problemen, en dat waren er nogal wat,  komen niet zo snel als vroeger. Ik zie mezelf steeds meer twijfelen. Uitrusting hindert me soms.'

6. 'Er komt al afstand. Hij klimt geen route, zoals hij nog steeds denkt. Ik grijp in, duw hem als hij geduwd moet worden, bied weerstand als hij afgeremd moet worden. Ik verander het landschap, het weer, en ik blijf herhalen: hoe is het hier/nu? Stop met knokken tegen jezelf. Klim niet, is mijn ultieme advies. Er is geen klimmer. En dat blijf ik eindeloos herhalen.'

7. 'Ik verlaat nu het laatste basiskamp op weg naar de top. Verdomde kloteberg, verandert steeds. Maar ik begin van hem te houden. Zonder hem ben ik niets. Opvallend, als ik niet probeer  te klimmen heb ik meer energie. Daarom ook een deel van de uitrusting achtergelaten.
Ik werd de afgelopen dagen geplaagd door een constante stroom gedachten en gevoelens  over vroegere tochten. Begin dat nu te zien. Krijg ik eindelijk helder waarom ik aan het klimmen ben? Ik geniet steeds meer van de stilte en kan me dat niet herinneren van voorgaande tochten. De stilte en de berg kruipen in mij.'

8. 'Er komt steeds meer energie vrij en daardoor klimt hij niet meer met een doel, maar om het klimmen. Hij begint zich te realiseren dat er eigenlijk geen klimmer is, maar dat de stilte van de berg hem draagt en voortstuwt. Nooit heeft hij zich over kunnen geven aan de berg. Altijd was de berg een vijand die bedwongen moest worden. Het onderscheid tussen berg en klimmer valt weg. De top is geen issue meer. Niet klimmen drijft zijn systeem voort.'

9. 'De top bereikt. Het was anders dan anders. Ik heb eerder het gevoel dat de top mij bereikte in plaats van andersom. Niet klimmen helpt geweldig, daardoor gaat het vanzelf. De berg draagt mij voort. Ik ben de berg en de berg, dat ben ik. Nu moet ik terug, in de stilte om ook het niet klimmen door te laten werken bij de afdaling. Hier boven blijven is geen issue. Afdalen langs dezelfde basiskampen kan niet meer. De heftige reacties blijven, blijkbaar moet ik heel wat verwerken, maar het mag er zijn, zoals de berg er is.'

10. 'Hij heeft gerealiseerd wat hij werkelijk is: de berg, de stilte, niet de klimmer. Het is duidelijk voor hem dat hij aan de andere zijde terug moet. Het gaat vanzelf, het laat  de fundamentele verandering zien. Alles wat zijn systeem nog zal ondernemen zal voortkomen uit de stilte van de berg. En de berg der bergen blijkt slechts een zandkorrel in de ruimte te zijn.'

11. 'Voor het eerst bij een afdaling ben ik me bewust van de spieren die moeten werken. Maar ik realiseer me dat het altijd dezelfde spieren zijn, welke actie er ook uit voortkomt. Niet klimmend klim ik naar beneden. Met elke stap wordt het duidelijker. Met elke stap groeit de vanbergsprekendheid, om het zo maar te zeggen. Ik word niet meer zo overmand door angst, verdriet en eenzaamheid. Het komt nog wel eens opzetten, maar het mag er zijn, ik kan blijven kijken. Stilte is mijn basiskamp geworden.'

12. 'Mijn liefde voor de berg en wat hij me geleerd heeft wordt steeds groter. En toch weet ik ook dat ik straks de berg zal verlaten. Wat gerealiseerd is, raak ik niet meer kwijt. Het gevoel van de totale ok-heid van alles en iedereen hangt als een wolk van weten om me heen.'

13. 'De klimmer is de berg, de berg is de klimmer. De berg op zoek naar zichzelf heeft zichzelf gevonden. De klimmer ziet niet meer tegen de berg op. En hij beseft in grote dankbaarheid dat de verandering niet mogelijk was zonder de berg. Die heeft hem sterk gemaakt. Door de vele veranderingen op zijn flanken  heeft hij kracht ontwikkeld, die stevig is als de stilte.'

14. 'Met lege handen sta ik aan de voet van de berg. Alles heb ik achter me gelaten. Ik weet niet meer welke weg ik gegaan ben. Ik ben niet teruggekomen, ik ben de berg nooit opgegaan.'

15. 'De ok-heid van het bestaan dendert door hem heen. Hij steekt zijn licht niet meer onder de korenmaat. Het mag vrij schijnen voor iedereen, dat is zijn en ieders geboorterecht.'

[Richard van de Waarsenburg, Maart 2003]

Richard van de Waarsenburg (Helmond 1947)
werkt als uitgever voor educatief gerichte kinderproducten. Een lange en uitputtende zoektocht (via Lectorium Rosicrucianum, Alexander Smit, Barry Long) bracht hem thuis bij Hans Laurentius.