Aan zijn valt niets te doen, we doen het al!

Kunt u alstublieft uitleggen wat u met 'bewustzijn' bedoelt?

Ik gebruik het woord 'bewustzijn' om het veld van gewaarzijn aan te duiden waarin alles waar we de vinger op kunnen leggen, verschijnt en verdwijnt. Wetenschap noch filosofie hebben echt greep kunnen krijgen op wat bewustzijn in feite is. We kunnen een aantal gevolgen van bewustzijn zien zoals we de wind kunnen 'zien' door de rimpels die hij op het water maakt. We kunnen misschien zeggen wat het niet is, zoals gedachten die naar het denken kijken: de getuige, een soort alias van bewustzijn uit de koker van het denken. Maar de vraag wat bewustzijn is, is een diepzinnige. Als we er iets over hopen te ontdekken, moeten we hem als vraag vasthouden en daarmee buiten het bekende houden.

Bedoelt u, door de vraag als perspectief te houden, verkenning zonder conclusie? Wat is dan het verschil tussen verkennen en zoeken?

Het gevoel van zoeken heeft dikwijls de hoedanigheid van iets wat ontbreekt en daarmee een projectie van hoe completering eruit zou zien of zou voelen. Als we dat model tijdens het zoeken met ons meedragen, zoeken we naar onderdelen of toestanden die we ons verbeelden nodig te hebben.

Het gevoel van verkenning heeft helemaal niets met verwerven te maken. Het is van nature belangstellend, ongeacht wat het ontdekt of niet ontdekt. Dat kan alleen als de verkenning ontspruit vanuit een perspectief van heelheid, want het versnipperde perspectief zal de hele toestand in een zoektocht veranderen.

Streven we eigenlijk niet een onpersoonlijk 'ik' na dat helemaal geen 'ik' is, maar alles wat is, zoals het is, inclusief alle gedachten, gevoelens en handelingen, zonder iets buiten te sluiten, zonder iets te sturen, zonder iets te veranderen?

We beschikken al over alles wat is, zoals het is. Een deel van dat 'zoals het is' is het feit dat we constant worstelen met onze gedachten, gevoelens en handelingen, en we zijn er dol op om dingen die ons niet bevallen buiten te sluiten, alles te besturen wat we kunnen overmeesteren en alles te veranderen wat we kunnen manipuleren. Het 'zoals het is' is pijnlijk. We willen een beter 'zoals het is', het soort dat in de spirituele literatuur wordt beschreven. In de mythologie  van de spiritualiteit is 'zoals het is' een codewoord voor de gelukzaligheid van niet-gehechtheid. Die spirituele fantasie zou accurater beschreven zijn met 'zoals het niet is'. Maar ik denk niet dat er ook maar één spirituele school bestaat die het leven 'zoals het niet is' nastreeft. Dat zou waarschijnlijk niet goed verkopen.

*  *  *  *

Het schijnt dat er twee scholen van denken zijn. De een is bijvoorbeeld die van Krishnamurti die een vrije wil impliceert voor een doorbraak, en de andere is die van Balsekar, die zegt dat vrije wil niet bestaat en dat het allemaal gepredestineerd is, zelfs het verlangen naar een doorbraak. Op de een of andere manier zegt mijn intuïtie dat het leven meer op een improvisatie lijkt dan op een vaststaand scenario. Ooit heb ik weliswaar een krachtige ervaring gehad dat ik door het leven werd geleefd, maar toch voelde het als een improvisatie, een potentieel, in plaats van een vaststaand plan. Dit klopt ook met de kwantumfysica. Wat denkt u?

Het denken lijkt altijd een keus te hebben. De wezenlijke functie van het denken is meten en voorspellen om ons de beste mogelijkheden tot overleving te bieden. In dat opzicht leven we in een wereld van keuze. Maar dat kiezen, die vrije wil, heeft een mechanische hoedanigheid en al mag het dan vrij lijken, het is slechts vrij om rond te dwalen binnen de beperkingen van zijn conceptuele interpretatie.

Bewustzijn lijkt zich niet druk te maken over de keuzen waarin het denken zo verstrikt is. Het bewustzijn zorgt voor de keuzen van de conceptuele wereld. Het ís, gewoon. Het is keuzevrij. Maar al lijkt die roerloze zijn-heid niet betrokken, het heeft toch een geweldige dynamische, transformatieve hoedanigheid. Het verandert alles wat het aanraakt.

Maar dat is niet het eind van het verhaal, want in werkelijkheid bestaat er geen gedachte die losstaat van het bewustzijn. Er is slechts één, en die enkelvoudigheid, het samenvallen van twee tot een, het versmelten van bewustzijn en gedachte, heeft de hoedanigheid van beide aspecten. Het leven zelf, heel en onverdeeld, is het handelende element, de handeling en het resultaat van de handeling, niet gepredestineerd, noch in het bezit van een vrije wil. De heelheid van het leven omvat het potentieel van een oneindige hoeveelheid mogelijkheden in de tijdloosheid van ieder moment, en toch gebeurt er in de expressie van ieder moment slechts één ding. Gezien dat ene dat gebeurt, is er ook maar één ding dat had kunnen gebeuren.

Aangezien we neigen te denken in termen van hetzij/of, wordt die zowel/als hoedanigheid van het leven uitstekend verwoord door de dichter, de kwantumfysicus en de mysticus. Het is het grootste experiment van het leven – de grootse improvisatie, zoals jij het noemt - om te ontdekken wat er gebeurt als bewustzijn en denken niet als twee worden beschouwd.

*  *  *  *

Kunt u, met inachtneming van dat inzicht in de geschiedenis en zijn interpretatie, iets vertellen over uw eigen spirituele zoektocht, voordat u stopte?

Laten we in de eerste plaats goed begrijpen dat wat mijn zogenaamde zoektocht ook geweest mag zijn, nutteloos was. Puur het uitgangspunt van zoeken - het uitgangspunt dat er iets aan ontbrak, dat er iets mis was met mij - was een vergissing, dus was de zoektocht irrelevant. Het verhaal van mijn zoektocht is net als alle andere. Het is fictie. Ik kan je vertellen over de geweldige leraren die ik heb ontmoet, de vreselijke ontberingen die ik heb ondergaan, de maanden en jaren die ik heb gemediteerd op mijn niet aflatende zoektocht naar de waarheid. Dat zou fictie zijn.

Ik kan je het verhaal vertellen over een jongeman die net als zovelen van de naoorlogse generatie opgroeide in een land dat werd verscheurd door politiek tumult, maatschappelijk onrecht, politieke moorden en hypocriet leiderschap. Dat was de Verenigde Staten in de jaren zestig en zeventig. Die jongeman hield zich net als zovelen van zijn generatie met politiek bezig, totdat hij inzag dat politiek nooit het probleem van de menselijke situatie kon oplossen.

De jongeman zag onderweg zo veel vrienden sneuvelen: degenen die het opgaven, toegaven, zich verkwanselden of ten prooi vielen aan geestesziekte of drugs- en alcoholverslaving. In die chaos oefende de wereld van de spiritualiteit een machtige aantrekkingskracht uit met zijn leraren in de zekerheid, wonderdoeners en genadeschenkers. En dat bleek ook niets anders dan de aantrekkingskracht van macht. In het aangezicht van de verwarring zochten tallozen van ons hun toevlucht tot gezag, magisch denken en geloof. We zochten niet naar waarheid of liefde, we zochten naar macht en controle, naar veiligheid. We waren kleuters op zoek naar een vader en een moeder.

Je kunt makkelijk zien dat de zoektocht van de jongeman in die wereld van leraren van de geest, van magiërs en wonderdoeners, van yogi's en lama's, een verzinsel is. Het verhaal stortte ineen onder het gewicht van zijn eigen fabelachtige behoefte aan een happy end waarin de zoeker oplost in het universum, maar er toch nog is om al zijn vrienden erover te vertellen.

Er is nooit sprake geweest van een zoektocht, alleen maar een poging om macht en controle over het leven te krijgen. Dat idee, gebaseerd op het besef van afgescheidenheid, stoelt op geen enkel feit. Als zodanig is er geen duidelijk begin of eind, geen punt van ontknoping. Verslagen van plotselinge verschuivingen zijn interessant, omdat ze een voor en een na suggereren, een soort dualisme dat als herinnering in de na-fase blijft bestaan. Als er geen voor en na bestaan, geen tijd om de gebeurtenissen te ordenen, wanneer valt dan het eind of het begin van de zoektocht? Trouwens, wat behelst die zoektocht en wie zoekt er eigenlijk?

U beweert dat verlichting een mythe is, maar als u niet door ervaring tot dat inzicht bent gekomen, hoe dan wel?

Als ik een reeks ervaringen beschrijf die een zeker punt bereikten waarna ik anders was, zitten we dan in wezen niet met een herfrasering van het verlichtingsspelletje? Dan zal alles wat ik beschrijf over hoe ik tot dat punt ben gekomen de begeerte van de luisteraar wekken om dat ook te doen. Als ik de vraag: Ben ik getransformeerd, ben ik veranderd van iets ervoor tot iets erna? onder de loep neem, tref ik geen enkel punt van verandering aan. Die ingrond van bewustzijn die altijd toegankelijk is geweest, is er altijd geweest. In die ingrond zijn altijd gedachten opgekomen en verdwenen. De verschuiving van perspectief dat het gebied van bewustzijn op de voorgrond brengt en gedachten op de achtergrond, is er altijd geweest.

Ieder verhaal dat ik vertel is fictief. Ik heb alle paden naar inzicht gevolgd die ik maar kon vinden, inclusief lange perioden van meditatie, vooral in Azië. Ik ben in aanraking gekomen met een aantal onbekende maar sterke leraren. En ik kwam erachter dat de ontdekking die ik zocht niet in al die inspanningen school. Aan het eind van die hele reis merkte ik dat ik er nog altijd was. Alle hoedanigheden waarmee ik was begonnen, waren er nog steeds. Welnu, dat is iets heel boeiends. Wat ik ontdekte, was dat ik een menselijk wezen ben. Dat was het contactpunt, mijn menselijkheid, niet de een of andere toestand die ik had geschapen om er vandaan te komen.

Hoe zou u een menselijk wezen definiëren?

We zijn het allemaal, het is onontkoombaar. We kunnen wel proberen eraan te ontkomen door perfectie te scheppen of de een of andere alternatieve hoedanigheid die niet conflictueus of pijnlijk is, maar uiteindelijk is het een poging om ergens van weg te hollen, niet een poging om ergens mee in contact te komen.

Wat is er in uw zoektocht gebeurd dat u deed beseffen dat er niets meer gezocht hoefde te worden?

Je vraagt nog altijd naar een punt van transformatie. Je gaat ervan uit dat er een periode in mijn leven voor dit punt was, dat zich in een bepaalde geestestoestand bevond. Dan is er een punt van transformatie en vervolgens de rest van je leven, dat fundamenteel anders wordt geleefd. Dat is de mythe van de verlichting. Als ik een punt zou aanwijzen waarop ik besefte dat verlichting een mythe is en dat er geen noodzaak voor een spirituele zoektocht is, zou ik je gewoon een andere versie van de verlichtingsfictie geven. Dat zou alleen maar de waanzin onderstrepen waarin we verstrikt lijken.

*  *  *

Hebt u ook voltijdstudenten met wie u in een doorgaande en intieme manier betrokken bent? Biedt u zoiets überhaupt?

Ik bied niets aan en onderricht niemand. Aan zijn valt niets te doen, we doen het al. De erkenning daarvan, de aanvaarding van de volle verantwoordelijkheid voor ons leven en de betrokkenheid met alles, is de ware aard van dat zijn. Dat is niet de eindhalte van een spirituele zoektocht. Het is het begin van de verkenning van de aard van het leven.

*  *  *

Denkt u dan dat er een verlichte staat bestaat?

Wat zou dat moeten zijn?

Misschien inzicht in het gedachteproces en het ego.

En wat zou zo iemand dan hebben dat jou ontbreekt?

Misschien een leven dat vrij is van psychische pijn en conflict. Misschien het vermogen om extatische toestanden van goddelijke gelukzaligheid te betreden.

Dat kun je doen door Thorazine te slikken. Zou je dan verlicht zijn? Als je een frontale lobotomie hebt ondergaan, ben je dan verlicht? Dan ben je in een extatische toestand, zonder problemen. Men komt je zelfs voeden. Ben je dan verlicht? Wat is verlichting? Haal de verlichte uit zijn of haar context en kijk maar eens wat er gebeurt.

Uit hun omgeving met hun volgelingen en hun onderricht?

Ja. Zet ze twaalf uur in de nachtdienst van een supermarkt in New York en zie maar eens wat er gebeurt. Volgens mij bestaat verlichting niet voor die leraren, buiten de context van de groep, de theologie en het geloofssysteem. Zit je daarin, dan is het een verlichte staat, maar die verlichte staat is er alleen met instemming van die tweeduizend volgelingen.

En stelt u dat scenario gelijk met de verlichten uit de geschiedenis?

We weten iets van die historische figuren, maar er is te weinig informatie om er echt iets over te kunnen zeggen. Geleerden steken de koppen bij elkaar om snippers perkament te bespreken waarop verhalen van discipelen staan over iemand die al dan niet heeft bestaan. Dat is nuttig als je veel belangstelling voor die specifieke godsdienst hebt en voor het specifieke individu dat geacht wordt ermee begonnen te zijn. Het vertelt ons niet echt veel over de geestestoestand van dat individu. Het zijn geen historische figuren. Ze bestaan als archetypen van bepaalde hoedanigheden. Jezus vertegenwoordigt de belichaming van meedogende liefde en Boeddha zou onthechting kunnen vertegenwoordigen. Dat is symbologie of mythologie.

Zegt het feit dat hun woorden de millennia hebben overleefd niet iets?

Als je over tienduizend jaar terugkomt, zullen er nog steeds piepschuimbakjes met het logo van McDonald's te vinden zijn. Zal dat het logo van McDonald's betekenis verlenen? Volgens mij vertelt religie ons iets over de menselijke psyche.

Dat die zulk onderricht zo lang heeft vastgehouden?

Ja, dat het menselijk denken een geloofssysteem wil. Hij heeft behoefte aan mythische figuren. Hij wil zich losmaken van zijn eigen potentieel door een godfiguur te projecteren. Dat potentieel bestaat in ieder van ons, en wel nu. We beslissen om dat niet te accepteren, omdat we onze auto's, huizen, stereo-installaties, computers enzovoort willen. Dat is wat ons aantrekt.

* * *

Waarom vinden al die verlichte wezens die zogenaamd ieder besef van doenerschap ontstegen zijn het nog altijd nodig om over zichzelf als afzonderlijke wezens te spreken? Zou een waarachtig non-duaal bewustzijn spreken of schrijven, en wat zou het te zeggen hebben, en tegen wie?

Verlichting is een mythe. Non-dualisme is een verhaal. Worden die zogenaamd verlichte wezens niet zo gedefinieerd door diegenen van ons die verkiezen zichzelf als onverlicht te definiëren? Is dat niet een maatschappelijke constructie en een wederkerige waan?
Taal schijnt op een subject-objectrelatie te zijn gebaseerd, een technologische strategie waarmee de tastbare wereld kan worden gemanipuleerd. Dat is nuttig voor biologische overleving. Denken en taal hebben die subject-objectrelatie opgeblazen in een mentale wereld waar een denkbeeldig 'ik' probeert de feitelijkheid van zijn eigen niet-bestaan te vermijden. Die mentale werkelijkheid is de basis van kolossale conflicten, maar het conflict zit 'm in concepten, net als in dat 'ik'.

* * *

U lijkt me een leraar in de traditie van Ramana Maharshi. Ziet u zichzelf ook zo?

Ramana Maharshi had geen traditie. Hij had ruimschoots de gelegenheid om er een te scheppen, maar heeft dat niet gedaan. Hij wilde niet eens een ashram. Hij wilde amper spreken of onderricht geven. Hoe kan iemand dan beweren zijn traditie te volgen en bovendien, wat is de drijfveer van zo'n bewering? Ik heb de hoogste achting voor Ramana en ik bewijs hem iedere dag eer door niets met hem te maken te hebben.

* * *

[...] heb ik dan geen leraar nodig om me te helpen wakker te worden?

We zijn al wakker. We hoeven niet wakker te worden. Het denken probeert ons op alle mogelijke manieren in de tang te houden. Een van de fantastische manieren waarop het dat doet, is via een regressie naar een kinderlijke staat waarin we denken: 'Ik ben niet wakker. Ik slaap en heb jou nodig om me wakker te maken.' Je hebt geen ander nodig om je wakker te maken. De relatie die we met elkaar hebben kan alleen plaatsvinden als ik niets van jou wil en jij niets van mij wilt, inclusief verlichting. Het is een autonome, volwassen, verantwoordelijke relatie die de moeite van verkenning waard is.

Vergeet niet dat dit over transformatief leven gaat. De elementen passie, geld, het element wat moet ik aan met mijn leven, dat alles wordt ondergeschikt gemaakt aan het mystieke feit van de energie van bewustzijn die zich door ons leven beweegt.

Je weet hoe het is om níét in een afgrond te springen, maar zonder te springen kun je niet weten hoe het is om wel in een afgrond te springen. Niemand kan je vertellen hoe je dat moet doen. Niemand kan het voor je doen. Je hartstocht leven is niet gevaarlijk. Het is veel erger, het is onbekend. Maar wat bekend is, kan nooit nieuw of creatief zijn. Als we sterven aan onze hartstocht, hebben we tenminste geleefd. Als we in het bekende blijven leven, zijn we al dood.

Suggereert u dat mensen onmiddellijk alle vormen van de spirituele zoektocht staken?

Je kunt best doorgaan met zoeken als je dat wilt, maar dat is vrijetijdsspiritualiteit. Misschien draait er vanavond geen goede film, of is er geen concert, dus ga ik maar naar de een of andere spirituele leraar luisteren. Dat is best, maar noem het beestje dan bij de naam. Het is recreatie, vermaak, een vorm van maatschappelijke interactie, maar het heeft niets te maken met een beweging van een onverlichte staat naar een verlichte staat. Het is gewoon een reactie op onze verveling, een poging om onszelf te vermaken.

[Steven Harrison - uit: 'Zoek geen antwoord' -, gepubliceerd met toestemming van uitgeverij Samsara. Selectie: Bob Snoijnk]

Voor meer informatie over de auteur: www.doingnothing.com