Verandering uit hebzucht

Anthony de Mello (1931- 1987) was een jezuïtische priester en is, door zijn vele boeken en spirituele conferenties, bekend over de hele wereld.

In het boek 'Bewustzijn' (uitgeverij Samsara, 2004 - ISBN 90-77228-16-0) vermengt hij christelijke spiritualiteit met boeddhistische wijsheid en psychologisch inzicht en komt daarbij tot een mooie synthese.

In korte hoofdstukken legt hij uit dat het tijd wordt om, in plaats van alsmaar een druk en gehaast leven te leiden, ons bewust te worden van de stilte die in ons is. Dit gebeurt alleen, beweert hij, als we ons gewaar worden van onze meest onderdrukte en donkerste gedachten. We moeten deze (h)erkennen en accepteren, maar ons er niet door laten beïnvloeden. Er komt dan ruimte voor bewustzijn (stilte) waardoor we kunnen veranderen.

Wanneer we gaan inzien dat dit bewustzijn in ieder van ons aanwezig is, is dit de sleutel tot een levendiger, uitdagender en vollediger leven. 

We kunnen dan meer open staan voor onze medemensen en de behoeften en het potentieel van hen zien. Hieronder volgt een hoofdstuk uit het boek.

Dat laat nog één grote vraag onbeantwoord: moet ik iets doen om mezelf te veranderen? Ik heb een grote verrassing voor je, een heleboel goed nieuws! Je hoeft niets te doen. Hoe meer je doet, des te erger het wordt. Het enige wat je hoeft te doen, is begrijpen.

Denk eens aan iemand in je omgeving of op je werk die je niet mag, die voeding geeft aan je negatieve gevoelens. Ik wil je helpen begrijpen wat er aan de hand is. Het eerste wat je moet begrijpen is dat het negatieve gevoel in jou zit. Jij bent verantwoordelijk voor het negatieve gevoel, niet die ander. Iemand anders in jouw plaats zou volmaakt kalm en op zijn gemak zijn in aanwezigheid van die bewuste persoon; hij zou niet geraakt worden. Jij wel. Nu moet je iets anders begrijpen, namelijk dat je een eis stelt. Je hebt een verwachting van die persoon. Kun je dat voelen? Zeg vervolgens tegen die persoon: 'Ik heb niet het recht om eisen aan je te stellen.' Als je dat kunt zeggen, laat je je verwachting vallen. 'Ik heb geen recht om eisen aan je te stellen. Oh, ik zal me wel beschermen tegen de consequenties van je handelingen, stemmingen, of wat dan ook, maar ga je gang en wees wat je wilt. Ik heb geen recht om eisen aan je te stellen'. Kijk maar eens wat er met je gebeurt als je dat doet. Als er weerstand opkomt om het te zeggen, nou, dan valt er van alles over 'mij' te ontdekken. Laat de dictator maar naar buiten komen, laat die tiran dan maar zien. Je dacht dat je zo'n lammetje was, nietwaar? Maar ik ben een tiran en jij bent een tiran. Een kleine variatie op 'Ik ben een ezel, jij bent een ezel'.' Ik ben een dictator, jij bent een dictator. Ik wil jouw leven leiden; ik wil je precies vertellen wat er van je wordt verwacht en hoe je je moet gedragen. En je kunt je maar beter gedragen zoals ik het wil, of ik straf je met negatieve gevoelens. Vergeet niet wat ik heb gezegd, iedereen is gek.

Een vrouw vertelde me een keer dat haar zoon een prijs op de middelbare school had gewonnen. Hij muntte uit in sport en leren. Ze was blij voor hem, maar ze kwam in de verleiding om te zeggen: 'Niet naast je schoenen gaan lopen, want die prijs is een valkuil in de tijd dat je het niet meer zo goed zult doen.' Ze verkeerde in een dilemma: hoe kon ze hem beschermen tegen desillusie in de toekomst, zonder een domper op zijn vreugde van het moment te zetten?

Hopelijk zal hij het leren als haar eigen wijsheid groeit. Het komt er niet op aan wat ze tegen hem zegt. Het is iets wat ze uiteindelijk zal wórden. Dan zal ze het begrijpen. Dan zal ze weten wat ze al dan niet moet zeggen. Die prijs was het gevolg van rivaliteit, en die kan wreed zijn als hij stoelt op zelfhaat en haat jegens anderen. Mensen krijgen een goed gevoel als iemand anders een slecht gevoel krijgt. Jij wint ten koste van een ander. Is dat niet vreselijk? En in dit gekkengesticht wordt het als vanzelfsprekend beschouwd!

Er is een Amerikaanse arts die iets heeft geschreven over het gevolg van rivaliteit op zijn leven. Hij studeerde aan een medische faculteit in Zwitserland en er zat een vrij groot contingent Amerikaanse studenten op die universiteit. Hij zei dat er studenten bij waren die in shock waren toen ze beseften dat er geen cijfers werden gegeven, geen prijzen werden toegekend, dat er geen lijst van uitblinkers was en geen beste en één na beste van de klas. Je slaagde of je zakte. Hij zei: 'Er waren er onder ons die dat niet konden behappen. We werden er bijna paranoïde van. We dachten dat er een addertje onder het gras zat.' Dus ging een aantal naar een andere universiteit. Twee die het overleefden, ontdekten op een gegeven moment iets merkwaardigs, wat ze nog nooit op een Amerikaanse universiteit hadden gezien: briljante studenten die anderen hielpen om te slagen, die aantekeningen uitwisselden. Zijn zoon studeert medicijnen in de Verenigde Staten, en die vertelt hem dat studenten in het lab dikwijls knoeien met de microscopen zodat het de volgende student dikwijls drie à vier minuten kost om hem weer goed te krijgen. Rivaliteit. Ze moeten slagen, ze moeten de beste zijn. En hij vertelt een heerlijk verhaaltje dat volgens hem op waarheid berust, maar het kan ook als een prachtige parabel dienen. Er was eens een plaatsje in Amerika waar de mensen 's avonds bijeenkwamen om muziek te maken. Er waren een saxofonist, een drummer en een violist bij, en het waren voornamelijk oudere mensen. Ze kwamen bij elkaar voor de gezelligheid en zuiver voor het plezier van het musiceren, hoewel het geen sterren waren. Dus ze genoten ervan en hadden een geweldige tijd, totdat ze op een keer besloten een nieuwe dirigent te nemen die veel ambitie en energie had. De nieuwe dirigent zei: 'Luister mensen, we moeten een concert geven. We gaan ons voorbereiden op een optreden voor de bevolking.' Vervolgens loosde hij langzamerhand een paar mensen, die niet al te goed speelden, nam beroepsmusici in dienst, zorgde ervoor dat het orkest in vorm kwam en ze haalden de krant. Was dat niet prachtig? Dus besloten ze naar de grote stad te verhuizen en daar op te treden. Maar een aantal van de ouderen had tranen in de ogen en zei: 'Vroeger was het zo heerlijk, toen we nog beroerd speelden en ervan genoten.' Dus wreedheid had zijn intrede in hun leven gedaan, maar die werd niet als zodanig herkend. Zie je hoe krankzinnig mensen zijn geworden?

Sommigen van jullie hebben me gevraagd wat ik bedoelde toen ik zei: Ga je gang en wees jezelf maar, daar is niets op tegen, maar ik zal mezelf beschermen. Ik zal mezelf zijn. Met andere woorden: ik laat me niet manipuleren. Ik leef mijn eigen leven, ik ga mijn eigen weg. Ik behoud mezelf het recht voor om mijn gedachten te denken en mijn neigingen en voorkeuren te volgen. En ik zal nee tegen je zeggen. Als ik geen zin in je gezelschap heb, zal dat niet zijn vanwege enige negatieve gevoelens die jij in me oproept. Dat doe je namelijk niet meer. Je hebt geen macht over me. Ik geef misschien gewoon de voorkeur aan het gezelschap van anderen. Dus als je mij vraagt: 'Ga je vanavond mee naar de film?' zeg ik: 'Sorry, ik wil met iemand anders; ik geniet meer van zijn gezelschap dan van het jouwe.' En daar is niets op tegen. Nee zeggen tegen mensen is prachtig. Dat hoort bij wakker worden. Een deel van wakker worden is dat je je leven leidt zoals jou dat goeddunkt. En je moet goed begrijpen dat dit niét egoïstisch is. Egoïstisch is eisen dat iemand anders zijn leven zo inricht als jj het wil. Dt is egoïstisch. Het is niet egoïstisch om je leven te leiden zoals jou dat goeddunkt. Het is egoïstisch om van iemand anders te verlangen dat hij zijn leven naar jouw voorkeur inricht, of naar jouw trots, of jouw belang, of jouw genoegen. Dat is egoïsme pur sang. Dus zal ik mezelf beschermen. Ik zal me niet verplicht voelen tijd met je door te brengen; ik voel me niet verplicht om ja tegen je te zeggen. Als ik je gezelschap aangenaam vind, zal ik ervan genieten zonder me eraan vast te klampen. Maar ik zal je niet meer mijden vanwege negatieve gevoelens die je in me op zou roepen. Die macht heb je niet meer.

Wakker worden moet een verrassing zijn. Als je iets niet verwacht en het gebeurt toch, voel je je verrast. Toen Websters vrouw hem betrapte op het zoenen van het dienstmeisje, zei ze tegen hem dat ze erg verrast was. Nu was Webster een purist wat het juiste taalgebruik betreft - hij had tenslotte een woordenboek geschreven - dus hij antwoordde: 'Nee, lieve, ik ben verrast. Jij bent verbijsterd!'

Er zijn mensen die van ontwaken een doel maken. Ze zijn vastbesloten er te komen. Ze zeggen: 'Ik weiger om gelukkig te zijn voor ik wakker ben.' In dat geval is het beter om te zijn zoals je bent, om je eenvoudig bewust te zijn van hoe je bent. Eenvoudig bewustzijn is geluk, vergeleken met altijd maar proberen te reageren. Mensen reageren zo vlug omdat ze niet bewust zijn. Je zult leren inzien dat er momenten zijn waarop je onvermijdelijk zult reageren, zelfs als je je bewust bent. Maar naarmate bewustzijn groeit, zul je minder reageren en meer doen. Het doet er echt niet toe.

Er is een verhaal over een discipel die tegen zijn goeroe zei dat hij naar een verre plek ging om te mediteren in de hoop dat hij verlicht zou worden. Om de zes maanden stuurde hij zijn goeroe een briefje over de vooruitgang die hij boekte. In het eerste rapport stond: 'Nu begrijp ik wat het betekent om het zelf te verliezen.' De goeroe verscheurde het briefje en gooide het in de prullenmand. Een half jaar later kreeg hij weer een rapport, waarin stond: 'Nu ben ik ontvankelijk geworden voor alle wezens.' Hij verscheurde het. Toen kwam er een derde brief waarin stond: 'Nu begrijp ik het geheim van het Ene en het Talrijke.' Dat werd ook versnipperd. En zo ging het jaren door, tot er uiteindelijk geen rapporten meer kwamen. Na een poosje werd de goeroe nieuwsgierig en op een dag ging er een reiziger naar die verre plek. De goeroe vroeg: 'Wil jij eens gaan kijken wat er met die knaap is gebeurd?' Uiteindelijk kreeg hij een briefje van zijn discipel, waarin stond: 'Wat maakt het uit?' Toen de goeroe dat las, zei hij: 'Hij is er! Hij is er! Hij heeft het eindelijk begrepen! Hij heeft het gepakt!'

En dan is er nog dit verhaal over een soldaat op het slagveld, die zijn geweer gewoon liet vallen, een stukje papier opraapte en ernaar keek. Daarna liet hij het weer op de grond dwarrelen. Vervolgens liep hij ergens anders heen om hetzelfde te doen. Zijn medesoldaten zeiden: 'Die man stelt zich bloot aan de dood. Hij heeft hulp nodig.' Dus namen ze hem in het ziekenhuis op en hij kreeg de beste psychiater om hem te behandelen, maar het leek allemaal niet te helpen. Hij zwierf over de afdeling om stukjes papier op te rapen en er doelloos naar te kijken om ze vervolgens weer op de grond te laten dwarrelen. Uiteindelijk zeiden ze: 'We moeten die man uit het leger ontslaan.' Ze lieten hem komen, gaven hem zijn ontslagbrief. Hij pakt hem achteloos aan, bekijkt hem, en roept: 'Is dit het? Dit is het!' Uiteindelijk had hij het.

Dus begin je ermee je bewust te zijn van je tegenwoordige toestand, hoe die ook mag zijn. Hou op de dictator uit te hangen. Hou op jezelf in een bepaalde richting te duwen. Dan zul je op een dag begrijpen dat je door eenvoudig bewustzijn al datgene hebt bereikt waarheen je jezelf probeerde te duwen.

[gepubliceerd met toestemming van de uitgever]