Ken de waarheid en de waarheid zal je bevrijden.
' Sailor' Bob Adamson

Ik werd gevraagd de omslag van het boek met de pakkende titel: 'What's wrong with right now, unless you think about it' van 'sailor' Bob Adamson te ontwerpen. Als voorbereiding en ter inspiratie sloeg ik het boek open en las, en las, en las... het bleek een kleinood!
In heldere, simpele en klare taal beschrijft hij onophoudelijk het directe en onvoorwaardelijke 'functioneren' van 'wat is'!

'Sailor' Bob Adamson is Australiër, die in de zeventiger jaren naar India reisde, waar hij in Nisargadatta zijn gelijke ontmoette.
Deze vertelde hem dat 'de grootste hulp die je iemand kan geven is hem mee te nemen voorbij de behoefte aan verdere hulp'. En dat is al 25 jaar Bob's missie.

Hieronder volgen wat stukjes uit het boek die inhaken op het thema van deze Amigo.

[…] De beschrijving kan nooit worden beschreven. Alles wat we doen is dat wat is, beschrijven. Hier, nu, momenteel: dat is wat er gebeurt. Er is niets anders.
Primair is er die registratie van alles. Net zoals die spiegel aan de muur alles weerspiegelt wat zich ervoor bevindt, zo registreert die essentie, intelligentie of hoe je het ook wilt noemen, alles precies zoals het is. Je hoorde die sirene, maar je hoefde daarvoor niet eerst te zeggen dat het een sirene was. Je hoort deze stem, ziet wat er te zien is in deze kamer, voelt je lichaam in de stoel zitten. Alles precies zoals het is. En – precies zoals het is – wat kan je erover zeggen? Je kunt er helemaal niets over zeggen. Vanuit dat gezichtspunt is het er of is het er niet. Dat wat is, de beschrijving, kan zelf nooit worden beschreven.

Ook het denken wordt geregistreerd. Het wordt vervolgens gewoonlijk geclassificeerd als 'deze gedachte' of 'mijn gedachte' of hoe het ook genoemd wordt. In plaats daarvan kun je je er beter van bewust zijn dat alles precies is zoals het is. Stel, je loopt ergens en je geeft niets een naam, dan is er geen denken. Je passeert huizen, bomen, hekjes of wat er ook in die straat is. Alles wordt onmiddellijk geregistreerd. Je hoeft niet elk individueel ding te benoemen. Het kan zijn dat er gedachten zijn, en dat je geest volledig door die gedachten in beslag genomen wordt. Er kan een stoeptegel uitsteken, maar je struikelt er niet over. De tegel wordt geregistreerd en de juiste actie volgt. Of je loopt midden in een menigte en botst toch tegen niemand op. Je blijkt ze zonder noemenswaardige moeite te ontwijken, zonder iets te hoeven denken als 'ik moet om hem heen zien te komen'. Ook al komen de mensen vanuit alle richtingen, die intelligentie registreert alles zoals het is en op dat moment vindt de juiste activiteit plaats.
Met gedachten gaat het precies zo. Terwijl je loopt, passeer je het ene na het andere huis. Terwijl je loopt, gebeurt hetzelfde met je gedachten. Ze worden geregistreerd zoals ze zijn. Wat gebeurt er? Het huis dat je net hebt gepasseerd, verdwijnt uit het zicht, evenals het hek nadat je het voorbij bent. Een gedachte wordt op dezelfde manier geregistreerd. Wat is er daarna met die gedachte gebeurd? Ze is achtergelaten. Ze verdwijnt. De ene gedachte leidt wellicht tot actie, de volgende niet.

De 'ik' waarin ik geloof

De enige manier waarop we wat is kunnen veranderen, is door correctie in richting of vorm. Alleen de geest kan dat doen: 'die stoel daar staat op de verkeerde plek en ik wil hem verzetten'. Hij is daarmee niet meer wat hij is. Hij is wat ik denk dat ik zou willen dat hij was. Dat is alles wat er is gebeurd – het denken 'die zou daar niet moeten staan'. Op zich heeft die gedachte totaal geen kracht. Het is gewoon een gedachte; slechts gebaseerd op woorden. Maar het verwijst naar deze 'ik' waar ik me voor hou, of tot nader onderzoek voor heb gehouden. Dat is zo, omdat wat aan die 'ik' is toegevoegd, dat geloof, het 'zelf-centrum' of 'referentiepunt' is geworden. Alles wordt beoordeeld vanuit dat referentiepunt. En omdat het nauw verwant is aan die pure intelligentie, is het gaan geloven dat het ook die intelligentie ís.
Vergelijk het met een stuk ijzer in het vuur: het zal rood worden en branden, net als het vuur. Stel dat het ijzer een geest had en zou denken dat het het vuur was: 'Ik ga nu dit en dat verbranden'. Maar neem het uit het vuur, wat kan het dan nog doen? Zo gaat het met de gedachten 'ik kan', 'ik zal', 'ik ben'. Neem die gedachten weg van bewustzijn of die pure intelligentie: wat voor substantie hebben ze dan nog? Kunnen ze zonder overleven? Kun je ook maar één gedachte hebben als je niet bewust bent? Gedurende al die jaren met gewoontepatronen heeft het denken geloofd dat het de intelligentie is. Het denken gelooft dat het echt is, kracht heeft, een wil heeft, kan doen waar het zin in heeft en wat het denkt dat het wil doen.

Daarom is dit onderzoek nodig. Stop gewoon en stel vragen. Kijk naar wat we tot nu toe dachten dat we waren. Op zichzelf kan het denken niets doen! De gedachte 'ik zie' maakt niet dat het kan zien! De gedachte 'ik hoor' maakt niet dat het kan horen! De gedachte 'ik ben bewust' maakt niet dat het bewust is! Maar er is wél zien, horen, bewustzijn. Dat gebeurt hier en nu! Het zien zelf kan niet conceptualiseren. Het kan niet zeggen 'ik zie dit'. Ook het horen kan niet zeggen 'ik hoor dit'. Het is slechts puur zien en puur horen. Het wordt vervolgens geconceptualiseerd door de geest, die voor die benaming uit een herinnering moet putten. De geest, de 'ik', de gedachte die ik over mezelf heb, is het verleden. Dat is alles wat het is. Het is het verleden, en het verleden is dood. Het is verdwenen. Het is niet wat er is. Dat centrum waar we steeds naar verwijzen en in geloven, is een dode beeltenis.
Kun je nu begrijpen waarom het nooit gelukkig kan zijn, nooit compleet of heel: dat komt omdat het datgene wat is, niet kan bijhouden. Wat er is, is deze manifestatie, deze voorbijgaande manifestatie, die steeds verandert. Zoals de rivier, stroomt het constant. Hoe kan een emmer water, uit de rivier geput, de rivier bijhouden?
Dat is onmogelijk.
Dus, we vertellen je het hier en nu: wat je zoekt ben je al! Het idee van een scheiding is slechts een concept. Samen met dat idee van scheiding komt onmiddellijk een gevoel van onveiligheid en kwetsbaarheid. Alles dat denkt of gelooft dat het gescheiden is, moet zich ook geïsoleerd en eenzaam voelen, los van mij, anders dan mij. Zo werkt de geest. Zodra er een 'mij' is, moet er ook een 'anders dan mij' zijn, en dat is die schijnbare scheiding. Dat is de oorzaak van al onze problemen. Wanneer dit is begrepen, wat voor probleem is er als er geen centrum is waar het probleem op betrokken kan worden?
Begrepen?

De geest is het verleden

Vraag: de geest denkt alleen maar dat er een probleem is.

Precies. Het is de natuur van de geest om verhalen te verzinnen en er van alles aan toe te voegen en er aan te blijven toevoegen. Daardoor moet je begrijpen, dat er nooit een antwoord in de geest kan zijn. Dus, als er een antwoord in de geest is, wat moet er gebeuren? Elke richting die je inslaat, vindt plaats in de geest. Dus: sta stil.
Door dat te zien en er bij te blijven, zelfs in die fractie van een seconde, door te weten dat er niets mis is met hier en nu, behalve als ik erover nadenk; maakt het daarna nog uit of de geest er is of niet? Want als de geest is doorzien en begrepen, gaat die geest niet datzelfde denken. Net zo min als wanneer je weet dat de blauwe lucht eigenlijk niet echt blauw is. We zien het ook dan nog steeds als blauw, zeggen nog steeds 'wat een mooie blauwe lucht'. Maar we weten de waarheid erover.
Zoals de heilige schrift luidt: 'Ken de waarheid en de waarheid zal je bevrijden'. Ken de waarheid over jezelf! Ze zult zien dat je altijd al vrij was. Slechts een schijnbaar foutief geloof: we negeren onze ware natuur en geloven in de verschijningsvorm.

Vraag: je moet de geest gebruiken om tot deze conclusie te komen, maar de geest heeft zo'n diepe programmering. Het idee van intellectueel de waarheid weten… Ik merk in de praktijk dat ik het kan weten, en dat ik kan proberen om de geest te stoppen, maar in wezen heb ik tijd nodig om het stukje bij beetje te accepteren. Het kan me verteld worden. Ik kan het begrijpen, steeds een beetje meer en meer. Het heeft tijd nodig.

Zoals je zegt: we moeten de geest gebruiken. Wel, het enige instrument dat we hebben, is de geest. Dat is waarom de geest moet worden begrepen. Grondig begrepen. Vervolgens heeft het een bestaan als zeer nuttig instrument.
Je zegt dat al deze programmering er is. Begrijp: de geest is het verleden, het is het 'ik'; het is de conditionering, al deze zogenaamde programmering. Kan de geest zijn verleden kwijtraken? […]

Niemand doet zijn best het te doen

[…]
Denken is tijd die verschijnt in het tijdloze.
Wel, als je het van de andere kant bekijkt, precies hier, precies nu, ademt iedereen; bij iedereen klopt het hart, stroomt bloed door het lichaam, groeit haar, groeien vingernagels, worden cellen vervangen, wordt voedsel verteerd. Wie doet daar moeite voor? Is er een 'ik' of idee in de geest dat zegt 'ik moet de volgende ademteug halen', 'ik moet mijn hart laten kloppen', 'ik moet mijn voedsel verteren'? Of gebeurt dat moeiteloos? Is er een inwonende intrinsieke intelligentie, een energie in die manifestatie van het lichaam die ervoor zorgt dat het bloed op dit moment door je aderen stroomt? Zorgt het er niet voor dat het middenrif daalt en de lucht binnen laat stromen, en het daarna weer omhoog duwt om de lucht uit te blazen? Het neemt al het voedsel op en alle andere zaken die voor de verschillende cellen nodig zijn. Je kunt die energie voelen. Je kunt haar voelen in je vingertoppen en in je tenen, als je bereid bent om nauwkeurig genoeg te kijken, te voelen. Je kunt het daar voelen, pulserend, kloppend. Het leven pulseert en klopt door dit energiepatroon heen, op dit moment. Moeiteloos.
Niemand doet zijn best het te doen. […]

Het antwoord bevindt zich niet in de geest

[…]
Vraag: Al enige tijd loopt mijn leven op rolletjes, vergeleken met hoe het daarvoor was. Echter, soms vertelt mijn geest mij dat er iets moet gebeuren om te kunnen zien hoe goed het me gaat. Hoe komt dat? Waarom vraag ik me zaken af, terwijl alles goed gaat?

Luister naar dit verhaaltje. Er loopt een reiziger door de woestijn. Het is heel, heel heet en hij heeft dorst. In de verte staat een eenzame boom. Hij weet niet dat dit een wensboom is. Hij gaat erheen en gaat onder de boom zitten en hij denkt: 'Dit is fijn, ik wou alleen dat ik nu een koel glas water had'. Alsjemenou, er verschijnt een koel glas water in zijn hand. 'Oh, geweldig!', zegt hij. 'Ik wou dat ik een zacht bed had om op te liggen, zodat ik dit glas kan drinken met een briesje om me te koelen.' En ja hoor, er verschijnt een zacht bed, samen met een meisje met een waaier, die hem koele lucht toewaait. 'Oh, dit is geweldig. Nu heb ik alleen nog een goede maaltijd nodig, en alles is helemaal perfect!' En ja hoor, er verschijnt een stevige maaltijd. En dan zegt de geest: 'Hé! Wat is dit allemaal? Wat gebeurt er? Is dit misschien de duivel?' En vervolgens verschijnt de duivel. De geest zegt dan: 'Oh! Hij gaat me opeten.' En dat doet hij!
Dus, als alles goed gaat zal de geest, helemaal vanzelf, vragen willen stellen. Dat is het gewone patroon. Het antwoord is niet in de geest. Sta stil! Als je dat begrijpt, in welke richting kun je vervolgens gaan?

Vraag: geen richting.

Dat klopt. Sta stil. […]

 

Uit: What's wrong with right now, unless you think about it – Sailor Bob Adamson (Non-Duality Press, ISBN 0-9547792-0-7, www.non-dualitybooks.com)
Gepubliceerd met toestemming van de uitgever.

Website 'Sailor' Bob: http://members.iinet.net.au/~adamson7/

[vertaling: Robbert Bloemendaal - selectie: Kees Schreuders]