| Geen wantrouwen zonder het ik
interview met Hans Laurentius
Klare taal van Hans Laurentius: 'Hoe kun
je jezelf nou niet vertrouwen, als je tot de ontdekking komt
dat je het zelf bent? Je kunt niet wantrouwen wat je wezenlijk
bent'. Maar daar blijft het niet bij. Vertrouwen krijgen is
toch iets dat kan ontstaan in de ogen van de zoeker. Als je je
bedreigd of onveilig voelt, is het niet mogelijk om iets te ontvangen.
Het is schijnbaar een voorwaarde voor de leerling om vertrouwen
te hebben in de leraar. Toch heeft Hans het niet meer over leerling,
maar liever over vrienden (zie ook de nieuwsbrief
van maart op
de website van Hans).
Maar dit is eigenlijk niets nieuws onder de zon. Ook in Amigo
nummer 5 over leraarschap
maakte Hans al duidelijk dat een leerling eigenlijk alleen iets
is dat bestaat in de ogen van de leerling zelf. Uiteindelijk
wordt ingezien dat leraar noch leerling ooit hebben of zullen
bestaan. Het begrip 'vriend' verwoordt de relatie adequater,
hierin is geen onderscheid of ongelijkwaardigheid. Het gesprek
over vertrouwen tussen Hans en Amigo verliep vriendschappelijk
als volgt:
Amigo: Waar hebben we het eigenlijk over
bij het onderwerp vertrouwen?
Hans:
Dat geldt voor al dit soort onderwerpen: op welk niveau bekijk
je het? Vanuit een psychologisch niveau zullen
mensen menen: ja, vertrouwen is heel belangrijk. Vanuit een ander
perspectief is vertrouwen altijd van het ik. Als er vertrouwen
is, is er ook wantrouwen, twijfel of onzekerheid. Er moet een tegenstelling
zijn, anders bestaat het onderwerp niet. Laatst op een satsang
ging het toevallig ook even over vertrouwen. Ik zei toen dat als
iemand naar me toekomt en zegt: 'Ik heb heel veel vertrouwen',
ik al weet hoe laat het is. Dan geloof ik het al niet meer, want
mocht het inderdaad waar zijn, dan is het thema verdwenen. Vertrouwen
zal dan namelijk alleen maar het ontbreken van onzekerheid zijn.
Op zichzelf bestaat het niet. Het hangt er dus vanaf vanuit welk
perspectief je het bekijkt. Zoals Nisargadatta zei: 'Er zijn met
betrekking tot zelfrealisatie twee manieren: hard werken, dus zelfonderzoek
doen en vertrouwen hebben.' Zijn eigen verhaal is daarbij tot
voorbeeld. Hij zei: 'Ik ontmoette mijn goeroe en ik had geen enkele
reden om aan hem te twijfelen. De goeroe vertelde te verblijven
in het ik-ben en dat heb ik gedaan.' Binnen drie jaar was het
klusje geklaard. Hij heeft verder nooit vragen gesteld, heeft hem
niet 100 keer opgezocht, hij hoorde gewoon aan wat er verteld werd:
'Jij bent het zelf en om dat te realiseren: verblijf in ik-ben'.
Hij zei oké en klaar. Zoals hij het uitdrukte: 'Ik had
geen enkele reden; niets in mij twijfelde aan die Goeroe.' De
afwezigheid van twijfel. Vertrouwen is niet iets op zichzelf bestaands.
Je kunt vertrouwen ook niet afdwingen, alleen
maar door te willen vertrouwen.
Nee, absoluut niet. Dat is een loze uitspraak. Maar
dat gaat op voor al die thema’s. Uiteindelijk vallen ze allemaal
uit elkaar en blijken het slechts verhaaltjes te zijn.
Als je naar het leven kijkt, zie je dat verschijnselen per definitie
niet te vertrouwen zijn, om het simpele feit dat ze allemaal veranderlijk
zijn. Nu is er iets en een seconde later kan het weg zijn. Je weet
het nooit. Daar kun je niet op vertrouwen. Het enige wat vertrouwen
waard is, wat je altijd begeleidt, is bewustzijn zelf. Wat er ook
gebeurt, je bent er bewust van. Als je al op zoek bent naar vertrouwen
of veiligheid, dan moet het daar gezocht worden. Toch zitten we
dan nog steeds, want het is een tussenstapje, als een ik-je naar
het zelf te koekeloeren. Dan zitten we dat te vertrouwen. We houden
nog steeds afstand. Er zit nog altijd een zekere beweging in: ik
ben hier en ‘mijn zelf’ of God is daar, net hoe je
het noemt. Er is afstand tussen iets dat schijnbaar overbrugd moet
worden. Ook dat is natuurlijk een misvatting. Op het moment dat
je ontdekt hebt dat je het zelf bent; hoe zou je jezelf niet kunnen
vertrouwen? Dat is volslagen krankzinnig. Dat kan helemaal niet.
Je kunt nooit wantrouwen wat je wezenlijk bent. Je kunt alleen
wantrouwen wat je kent, wat voorbij komt. Op het moment dat ingezien
is dat alles veranderlijk is, slaat het begrip wantrouwen ook nergens
meer op.
ontspanning en vertrouwen
Aan de andere kant is het wel zo dat sommige mensen
psychologisch in de knoop zitten. Dan merk ik wel dat opmerkingen
van mijn kant hun systeem kalmeert. Je zou dat 'vertrouwen geven' kunnen noemen. Door een bepaalde verbinding die dan ontstaat
(in ieder geval in hun beleving) kunnen ze ontspannen en vertrouwen
krijgen in deze plek, in de teaching of in mij, zoals ik overkom.
Zo kunnen ze ontspannen genoeg zijn om te ontvangen. Maar eigenlijk
hebben we het dan over een soort voorstadium.
Op dit niveau geldt dat als er geen vertrouwen is,
als je je bedreigd of onveilig voelt, je ook niets gaat ontvangen.
Dat is dan onmogelijk. Het systeem moet eerst even kalmeren. Maar
iets brengt ze toch hier (Centrum de Horizon in Ottersum, waar
Hans en zijn gezin wonen en werken. Hier vinden o.a. satsangs,
weekenden en retraites plaats - red.), hoe bang mensen ook zijn,
hoe eng ze het ook vinden. Ze komen toch, en weer en weer. Iets
drijft ze. Dat is niet verklaarbaar. Ze weten dat zelf ook niet.
Maar eigenlijk weten we dat nooit.
Wat is goed?
Niemand van ons weet dat eigenlijk. Niemand weet
waarom ie doet wat ie doet. Daar kunnen we weer allerlei theorieën
over opbouwen, maar ik verblijf liever in het niet-weten. Ik hoef
het ook niet te weten. Er gebeurt wat er gebeurt, that’s
it. Los van kwalificaties als goed of niet goed, dat zijn allemaal
toevoegingen van het denkende ik. Eerst moet de ik-gedachte er
zijn voordat je kunt zeggen: dit gaat niet goed of dit is mijn
gedrag. Eerst moet de ik-gedachte er zijn voordat er een claimer
kan zijn. Feitelijk ben je gewoon bewust dat er dingen gebeuren,
vervolgens zeg je: 'Dat heb ik gedaan' en komt de
vraag of het goed was of niet. Je kunt je trouwens ook nog afvragen
waar goed of niet goed aan afgemeten wordt.
Mensen menen vaak dat wat ik doe dan goed zou zijn,
want ik vertel over de waarheid. Maar of dat goed is, is maar zeer
de vraag. Stel je eens voor: iemand komt hier helemaal in zak en
as aan. Hij praat een uurtje met me, leeft helemaal op en ziet
het weer zitten. Iedereen zou zeggen: 'Goh, dat is goed.' Vervolgens
rent diegene in z’n blinde enthousiasme de straat op en wordt
doodgereden. Was het goed? Was het niet goed? I don’t know.
Ik weet er geen bal van. Het enige dat mogelijk is, is mezelf zijn.
Ik kan niet anders. Iets komt in beeld, we noemen dat een ander,
daar is een interactie mee en vervolgens vertrekt hij weer.
Al die tijd is mijn ervaring gewoon het Zijn zelf, en in dat niveau
van verschijnselen gebeuren dingen. Maar ik heb die niet gedaan.
Die gebeuren. Het is een interactie. Het is me niet duidelijk hoe
dat komt. Wat vast te stellen is, is dat er in mijn buurt dingen
gebeuren die in de buurt van anderen niet gebeuren, want daar gebeuren
weer andere dingen. Maar ik kan niet zeggen dat ik het doe, maar
ook niet dat ik er niets mee te maken heb. Ik weet niet wat het
pad van de ander is, ook niet wat mijn pad is. Ik ken alleen maar
dit hier-nu. Dat is het enige. En dat is voldoende. Ik kan wel
van alles fantaseren over wat goed voor iemand zou zijn of niet,
maar dat is allemaal denken, feitelijk weet ik er niets van. En
ik blijf gewoon in dat niet weten en dat, schijnbaar, doet iets.
Oké. Anderen zeggen dan: 'Dank je wel, Hans', of 'Hans
is zo tof', of 'Hans is zo’n klootzak.' Die
vinden er wat van. Dat zijn allemaal hun verhalen. Daar heb ik
ook niets mee te maken, het zegt niets over mij. Het zegt iets
over hoe zij mij zien. Dus strikt genomen is er geen enkele grond
waarop we welke uitspraak dan ook kunnen doen. Het is onmogelijk.
Ik weet nooit wat goed is of niet goed. Ik weet alleen maar wat
is op dit moment.
handelen zonder twijfel
Op basis daarvan handel je of niet. Dat
gaat ook veel sneller!
Ja precies. Dat gaat heel snel, want er hoeft geen
denken aan te pas te komen.
Ken jij dan geen twijfel, bijvoorbeeld als
je met je kinderen omgaat?
Natuurlijk. Op een praktisch niveau is het denken
ook actief en zie je: 'Nou, deze snauwpartij naar mijn kinderen
was overbodig'. Yes, of course. Maar er is geen twijfel,
je ziet gewoon dat het liefdeloos is. Wat de wereld aangaat, kan
ik eigenlijk alleen maar zien – en dat is ook een rammelende
norm - of iets liefdevol is of niet. Dat is eigenlijk het enige.
Dat voel je gewoon in je lijf. Het is niet zozeer een denkend iets.
En wat daar uit volgt: I don 't know. Ik weet het niet.
Maar ik weet wel, in de situatie die zich voordoet, hoe de sfeer
of de energie is. Is het een verruimend of uitnodigend iets waarin
alles welkom is of is er een energie van wegduwen of agressie.
Maar pas op! We moeten niet beweren dat weerstand altijd slecht
is. Sommige dingen moet je weerstaan. Bacteriën bijvoorbeeld
of agressie van een ander. Dan maar een blokje om of ingrijpen.
Als er drie man op een ander staan in te beuken, dan kun je wel
menen dat het niet liefdevol is om in te grijpen, maar volgens
mij is het dan liefdevoller om je er mee te bemoeien. Maar dat
is mijn houding.
Soms is het toch handiger om even stil te
staan. Als je bijvoorbeeld opgeslokt wordt door een probleem,
dan loop je sneller tegen de deurpost aan.
Zeker, daarom is een van de belangrijkste spirituele
handreikingen gewoon STOP. Daar komt het eigenlijk allemaal op
neer. Wat je ook aan het doen bent met je hoofd of met je emoties:
STOP. Dan heb je even een pauze, de gelegenheid tot een soort resetten.
Het hele systeem wordt gestopt. Je kunt weer even opnieuw ademhalen
en opnieuw ervaren wat er is in plaats van door te hollen in de
redenering of de stemming waarin je gevangen bent. Het is altijd
een kwestie van STOP en op een gegeven moment ben je gewoon gestopt
en start het ook niet meer. Dan ben je alleen maar.
We praten ondertussen maar raak, omdat
we nog steeds de indruk hebben dat we daardoor iets kunnen veranderen.
Ja, zeker. We denken dat we met woorden grip krijgen
op de realiteit. In feite praten we echter de hele tijd tegen onszelf
en vertellen we onszelf constant dat de wereld zus of zo is en
dat we zelf zus en zo zijn. Allemaal verhaaltjes, verhaaltjes,
verhaaltjes. Ondertussen onttrekt de ruimte waarin de verhaaltjes
plaatsvinden zich aan ons besef, terwijl het daar nu net omgaat.
Als je daar gewoon in bent, zijn verhaaltjes niet meer nodig.
Ga maar na: als je jezelf de hele tijd moet vertellen dat je iemand
vol vertrouwen bent, dan klopt dat blijkbaar niet, want als dat
werkelijk zo was, hoefde dat niet steeds gezegd te worden. Je zegt
ook niet de hele dag: 'Ik ben een vrouw', dat is krankzinnig.
Of: 'Dit is mijn hand'. Moet ik dat iedere ochtend
zeggen: dit is mijn hand en dat zijn mijn knieën? Nee, daar
ga je gewoon van uit, dat is een feit, klaar.
Het enige wat ik weet, is dat ik mezelf ben en wat
dat precies betekent, weet ik ook niet. Blijkbaar valt dat anderen
op. Dat is ook al zoiets. Mij valt het niet op. Ik zie het in de
relatie van een ander. Maar ja, eigenlijk is het toch ook een beetje
raar dat mensen naar lieden toe komen die gewoon zichzelf zijn,
want daar komt het eigenlijk op neer. Het is blijkbaar uitzonderlijk
om jezelf te zijn. Dat is toch krankzinnig.
zonder vasthouden
Strikt genomen hebben alle thematieken als vertrouwen
en angst altijd alleen maar betrekking op een geest die in de war
is. Die zichzelf niet ziet voor wat ie is. Dan worden alle thematieken
verschrikkelijk belangrijk. Op het moment dat je die hele ik doorzien
hebt als gewoon een verschijnsel, wat wil je dan nog met al die
thematiek. Mijn ervaring is dat de interesse voor al dit soort
thematiek verdwijnt. Het moment zelf is vol genoeg. Ik hoef daar
niet denkend of zoekend nog een thematiek aan toe te voegen.
Mensen hoeven jou niet te vertrouwen?
Nee, dat hoeft niet. Dat blijkt allemaal wel.
Als ze mij niet vertrouwen, dan vertrekken ze. Dat is goed. Ik
hou ze niet vast. Dan hoop ik dat ze een ander vinden waarbij
het wel klikt. Zo gaat dat, dat is oké.
Je hoeft er geen moeite voor te doen?
Waarvoor? De mensen die komen hebben het idee dat
ze niet verlicht zijn. Ik zie dat niet zo. Als ik ook zou denken
dat degene die komt een probleem heeft, als ook ik geloof in die
problemen, dan heeft die ander geen schijn van kans. Verlichting
bestaat trouwens niet. Dat is ook een ideetje. Het enige dat ik
uitleg is dat wij exact hetzelfde zijn. We zijn allemaal bewustzijn.
Het enig minuscule verschilletje is dat jij nog denkt een iemand
te zijn en dat er aan deze kant iemand zit die niet denkt een iemand
te zijn. Dat is maar een heel minuscuul verschilletje, het heeft
alleen veel gevolgen. Dat is eigenlijk alles.
lege handen
Het wordt echter erg belangrijk, omdat het
zoveel consequenties heeft. Dit maakt weer dat je extreem je
best gaat doen.
Ja, precies. In het begin zie je enkel de sfeer van
gevolgen, want mensen associëren zich enkel met hun emoties
en hun denken. Het is een chaos als je niet weet wat je bent. Dat
is logisch. Doordat mensen zich met dat ene gebiedje vereenzelvigen,
lijkt hun leven een puinhoop. Ze kijken niet wat er verder nog
allemaal is. De eindeloze ruimte laten ze links liggen. De eindeloze
stilte, de volheid, daar hebben ze geen flauw benul van. Wel op
de paar momenten dat ze zich ontspannen. Maar dan denken ze dat
het door iets komt. Iemand deed wellicht een keer aardig, ze hebben
lekker gevreeën of een nieuwe tv gekocht. Het wordt dan weer
aan iets gekoppeld. Ze zien niet de onmiddellijkheid van de natuurlijke
ontspanning. Op een gegeven moment krijgen mensen in de gaten dat
ze tot de kern moeten doordringen. Dan moet je motivatie flink
zijn. Want je gaat heel veel van de ideetjes, die je steun gaven,
kwijtraken. In het begin lijkt het alsof je er iets voor in de
plaats krijgt: een gevoel van liefde of helderheid, dat soort bijverschijnselen,
maar uiteindelijk gaat het erom dat je met lege handen komt te
staan. Voor het ego dat begint te zoeken is dat eng. Niets meer
om je aan vast te houden. Dan moet je erkennen dat je niets weet.
We roepen veel en we verklaren veel, maar het verklaart eigenlijk
niets. Dat te erkennen, is vooral voor iemand die onzeker is een
heel akelige zaak. In eerste instantie ga je naar een leraar voor
zekerheid. Die zegt dan: 'Die is er niet, meneer of mevrouw'. Maar
ik weet niet hoe het zit!' Tja, ik ook niet. Het enige verschil
is dat ik mij daar uitstekend bij op m 'n gemak voel en jij er
bang van wordt. Dat is alles. Het spel is iemand bij de hand nemen
en in eerste instantie wat schijnzekerheden geven: 'Het gevoel
van zijn, daar kun je op vertrouwen, dat is er altijd, ook als
je bang bent. Doe maar een stapje terug, voel het even... ah ja,
daar is het.' Dat geeft vertrouwen. Vervolgens word je door dat
zijn opgeslokt. Dat moet je er niet te vroeg bij vertellen, anders
zal de angst de overmacht nemen.
Tot een punt waar geen terugweg meer mogelijk
is.
Dat is ook heel belangrijk op dat niveau. Als er
op een gegeven moment een klik is, als dat gebeurt, dan heeft dat
een soort kracht die mensen vaak vertrouwen noemen: ik vertrouw
jou gewoon, dus laat maar komen.
oplossen van spanning
Als je goed kijkt, is het gewoon een goed
gevoel en het ontbreken van spanning.
Ja. Exact. Het hele egoprincipe is inderdaad gewoon
een soort onrust, angst of spanning in actie. Die lost op. Als
mensen dat een paar keer ervaren, bijvoorbeeld op een plek als
deze of elders, dan geeft dat vertrouwen. Want als ik daar ben:
zucht, ik voel weer ruimte, ik voel die spanning wegvloeien. Het
is als met batikken van stof: er wordt wat verf op aangebracht,
de boel wordt in de zon gebleekt en de kleur verdwijnt bijna. Net
zo ben je weer terug in je gespannen toestand, maar net ietsje
minder. En de volgende keer is het weer wat ruimer. Als je dat
een paar keer meemaakt, dan gaat dat gevoel van vertrouwen en dat
je op het goede spoor zit, heel sterk worden.
Meen je niet dat het ook een lichaamsbesef
is?
Ja, dat is het ook. Het lichaam herstelt zich. Het
lichaam is ziek gemaakt door het hele ik-gedoe. Er is maar één
ziekte en dat is de ik-ziekte. Als het verkrampen ontkrampt, gaat
het lichaam weer op een normale manier functioneren. Het hele energiesysteem
gaat zich herstellen en dat gaat bezig. Dat kan met allerlei bijverschijnselen
gepaard gaan, maar in principe gaat het gewoon weer zijn natuurlijke
toestand opzoeken.
Hier valt niets aan te doen!
Nee. Dat moet het liefst natuurlijk gaan. Ik ben
geen voorstander van het sleutelen hieraan of van het helpen met
allerlei technieken. Ook niet op een bepaald niveau. Ik heb veel
liever dat mensen gewoon stil zijn en de energie zelf het werk
laten doen, want die energie is zo verschrikkelijk intelligent.
Veel intelligenter dan het denk-verstandje dat wij hebben. Het
lichaam is niets anders
dan intelligentie. Als je het met rust laat, dus niet overvoert
met zorgen, zoeken, projecties of knokken, dan weet dat uitstekend
hoe het moet functioneren, wat goed voor het is, wat er bij past
en wat niet. Het herstellen duurt soms een paar dagen of jaar,
maar het begint meteen zodra wij weer contact met die werkelijkheid
krijgen. Direct.
Dan kun je ook meteen reageren, je hoeft
er dan niet over na te denken.
Eigenlijk weet je alles meteen. Iedereen weet eigenlijk
alles meteen. Alleen hebben we zoveel macht gegeven aan het denken
dat we een beetje vervreemd raken van het hele lichaam, dat een
heel sensitief instrument is. Als je dat met rust laat, als je
dus stil bent, pikt dat gewoon in no-time op van waar je rechts-
of linksaf moet gaan, bij wijze van spreken. Daar hoeft niet over
nagedacht te worden. Het is meer een volgen van de energie.
Vertrouwen zal dan ook iets zijn dat in
eerste instantie via het lijf komt.
Dat denk ik ook. Maar het is dus de beweging van
spanning naar ontspanning. In die beweging kan een soort vertrouwen
ontstaan, maar als de spanning op een gegeven moment weg is, is
het vertrouwen ook weg. Het is niet meer nodig. Er is geen tegenwicht
meer nodig.
Gewoon zijn.
Alles is goed of alles is?
Bij vertrouwen gaat het er niet om dat alles goed
komt, want dat is geen vertrouwen, dat is hoop. Dan hoop je maar
dat het goed is, net als dat new-age gepraat: 'Alles is goed'.
Tja, alles is goed, wat bedoel je daar dan mee? Zou het dan ook
verkeerd
kunnen zijn? Het is weer het introduceren van een dualiteit.
Alles is niet goed, alles is.
Je legt daarmee een claim op jezelf, er
valt dan nog veel te verbeteren of er mag juist niets veranderen,
want alles is goed.
Precies. Zo hou
je steeds een bepaalde spanning in stand. Er wordt heel snel van
gemaakt: het moet goed zijn. Dan gebeurt er iets dat je niet leuk
vind, dat mag dan weer niet. Want alles moet toch goed zijn? Alles
is toch goed, maar ik voel het niet, nou dan deug ik zeker niet
Vanuit de beperkte visie die er op dat moment blijkbaar nog is,
zie je weer de neiging zichzelf verhalen te vertellen. Mensen denken
ook dat het helpt om de hele tijd te roepen: 'Alles is bewustzijn',
omdat een zogenaamde leraar zegt dat dat zo is. Maar op deze manier
wordt
het ook weer een verhaaltje. Leraren zeggen het omdat ze het zien,
omdat het hun rechtstreekse ervaring is. Ze zeggen het natuurlijk
niet tegen zichzelf. Ik zeg nooit tegen mezelf: 'Hans, jongen,
doe nou maar rustig, want alles is bewustzijn hoor.' Dat
komt nog niet in me op. Dat komt alleen in me op als die functie
er is. Als er een setting is waarin mensen blijkbaar iets willen
horen. Dan kan ik dat soort dingen zeggen, maar voor mij betekent
het niets. Dat is net zoiets als zeggen: 'Water is nat'. Ja,
ik weet dat, dus hoef ik dat niet te zeggen. Maar een ander weet
het misschien niet. Dan kan ik het uitleggen en ik kan het laten
proeven, dan heeft het zin'. Wat is water dan? Wat proef
je?' 'Het is vloeibaar en het is vochtig.' Oké,
dank je wel. Maar als je dat eenmaal weet...
Irriteert het je nooit?
Nee, nee. Anders was ik er allang mee opgehouden.
Nee, dat kan ook niet. Als de energie er is, het principe dat guru
heet, is dat alleen maar nu. Daar gaat niets aan vooraf. Ik kan
met mijn verstand zeggen dat ik dit al zeven jaar doe, maar als
ik in actie ben, is er niemand die al zeven jaar dit doet. Er is
slechts dit principe, dit leven dat leeft en daar wordt niets van
gevonden. Ik kan vooraf wel iets vinden, dan is er misschien
een stemming dat ik geen zin heb om iets te doen bijvoorbeeld.
Maar dat is allemaal bla bla. Het is niet wezenlijk. Ook achteraf
kan ik ergens iets van vinden, maar het is niet relevant. Het is
als een geurtje dat voorbij komt.
Je vindt het uitleggen gewoon leuk, hé?
Ik heb daar enorm plezier in, ja...
Website Hans: www.hanslaurentius.nl
[interview: Ilse Beumer]
|